Huidaandoeningen zijn irritaties van de huid die onder meer veroorzaakt worden door schimmels, virusinfecties en allergieën. Er bestaan erfelijke vormen, die genodermatosen worden genoemd. De aandoeningen die hier uitvoerig worden besproken zijn acne, rosacea en eczeem.
Acne
Acne, ook wel jeugdpuistjes genoemd, is een niet-besmettelijke huidaandoening waarbij de talgklierfollikel ontstoken raakt. De aandoening manifesteert zich vooral in het gelaat, de zogenaamde T-zone (voorhoofd, neus, kin), rug, nek, hals en schouders en komt voornamelijk voor tijdens de puberteit bij jongeren en jongvolwassenen tussen 12 en 24 jaar. Op latere leeftijd treedt acne vaker op bij vrouwen dan bij mannen. De talgproductie is noodzakelijk om uitdroging van de huid te voorkomen.
Er bestaan drie types acne: comedonen (mee-eters), pustels (puistjes) en infiltraten (ontstoken, rode, pijnlijke huid). Acne kan littekens veroorzaken die niet spontaan verdwijnen. Deze kunnen onder meer behandeld worden met lasertherapie.
Rosacea
Rosacea is een huidaandoening waarbij verwijde bloedvaatjes zichtbaar zijn. Ze komt vaak voor bij vrouwen tussen 30 en 50 jaar. De opstoten, ook wel ‘flare-ups’ genoemd, veroorzaken roodheid en maken puistjes en bultjes in het gelaat zichtbaar. De barrièrefunctie van de huid is bij personen met rosacea aangetast, waardoor de huid gevoeliger is voor invloeden van buitenaf.
De oorzaak van rosacea ligt vaak bij een verminderde barrièrefunctie van de opperhuid. Een andere aangetoonde relatie bestaat met de demodexmijt. Deze komt namelijk twintig keer zo vaak voor bij een rosacea-huid dan bij een gezonde huid. Triggers voor de ‘flare-ups’, zoals de opstoten genoemd worden, zijn: klimaatomstandigheden, bepaalde huidverzorgingsproducten met agressieve bestanddelen, roken en stress.
Eczeem
Eczeem wordt tot de huidaandoeningen gerekend, hoewel het officieel geen huidaandoening is, maar eerder een symptoom van een aandoening. Het wordt gekenmerkt door jeuk, roodheid, blaasjes, bultjes of kloofjes. Er bestaan verschillende vormen van eczeem, waarvan constitutioneel eczeem of atopisch eczeem de bekendste is. Deze vorm komt voor bij 20% van de kinderen. Atopie is de aangeboren aanleg om te reageren op stoffen zoals pollen en huisstofmijt. Het atopisch syndroom omvat hooikoorts, eczeem en astma. Dit zijn aandoeningen die het gevolg zijn van een overgevoeligheid van het lichaam voor bepaalde stoffen. De aandoening manifesteert zich vaak al op jonge leeftijd. Andere vormen van eczeem zijn:
- Seborroïsch eczeem: rode huid met gele, vettige schilfers, komt vaker voor bij mannen dan bij vrouwen.
- Contacteczeem: roodheid en jeuk door contact met bepaalde stoffen.
- Nummulair eczeem: nummulair betekent munt. De letsels zijn ovaal- of muntvormig.
- Dyshidrotisch eczeem: roodheid, schilfers aan de onderbenen. Soms ook zwellingen. Komt veel voor bij ouderen.
- Zwemmerseczeem: een schimmelinfectie aan de voet. Officieel is dit geen eczeem.
- Eczeem rond de ogen: door eczeem rond de ogen kunnen de oogleden gezwollen raken.
Daarnaast wordt er een onderscheid gemaakt tussen acuut en chronisch eczeem. Acuut eczeem ontstaat plots, met roodheid, zwelling, jeuk en blaasjes als gevolg. Nadien ontstaan schilfers en neemt de roodheid af. Chronisch eczeem is eczeem waarbij de schilferige fase overgaat in een verharding van de huid, waarbij de huidlijnen grover worden. Dit noemt men ‘lichenificatie’. In de harde, stugge huid kunnen kloven ontstaan.